
Een werknemer wilde een eenmanszaak oprichten en trakteerde bij zijn afscheid zijn collega’s op taart. Naderhand was er volgens de werknemer geen sprake van ontslagname maar van gegeven ontslag.
De werknemer had de eenmanszaak ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Zijn baas bevestigde na het afscheid schriftelijk aan de werknemer dat hij wegging bij het bedrijf door het starten van een eigen onderneming. De werkgever accepteerde daarbij het ontslag van de werknemer.
Daarop kreeg de werkgever een brief terug van de werknemer waarin de werknemer aangaf dat hij geen ontslag had genomen, maar gekregen. De zaak kwam voor de rechter.
Uit verklaringen van collega’s bleek dat de werknemer een gesprek had gehad met zijn baas. Daarop had de werknemer aan zijn collega’s verteld dat hij ontslag had genomen wegens zijn eigen bedrijfje. Het trakteren had betrekking op het vertrek van de werknemer.
In dit geval was het de rechter duidelijk dat de werknemer wel degelijk op duidelijke en ondubbelzinnige wijze ontslag had genomen. De rechter stelde de werknemer dus in het ongelijk.
Bron: Rechtbank Haarlem, 11 november 2010, LJN BO5291